In Nederland verdwijnt jaarlijks een aanzienlijke hoeveelheid vegetatie door verwaarloosde onderhoudsbeleid. Volgens het Rijksbureau voor de Waterstaat (RWS) zijn 15 procent van de openbare groengebieden in steden en dorpen in een slecht onderhoudsstaat. Dit geldt vooral voor parken en tuinen in stedelijke gebieden, waar de druk van verkeer en intensief gebruik de natuurlijke weerstand tegen schade verzwakt. Een voorbeeld hiervan is het Amsterdamse Singelpark, waar de laatste jaren een opmerkelijke afname van struiken en bomen is opgemerkt. De gemeente heeft hierop reageerd door extra budget toe te kennen voor onderhoud, maar de resultaten zijn nog niet zichtbaar.
De schade is niet alleen esthetisch, maar heeft ook ernstige gevolgen voor het lokale ecosysteem. Een studie van het Natuurmonumentenfonds uit 2022 toonde aan dat 40 procent van de plantensoorten in ononderhouden tuinen en parken kwetsbaar is voor invasieve soorten. Dit verstoort de natuurlijke balans en kan leiden tot een verlies aan biodiversiteit. Bovendien zorgt een gebrek aan onderhoud voor een hogere brandgevaarlijkheid, vooral in droge periodes. In 2021 veroorzaakten onbeheerde struiken en bomen in de Randstad meer dan 150 branden, waarvan 30% in openbare groengebieden.
Een slecht onderhoud heeft ook financiële gevolgen voor gemeenten. Volgens het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat kosten het jaarlijks 2,5 miljard euro om de huidige staat van openbare groengebieden te behouden. Dit omvat onder andere het verwijderen van dode takken, het herplanten van beschadigde struiken en het onderhouden van grasvlakken. Toch blijft veel onderhoud uit door budgettekorten en prioriteitenverschillen. Gemeenten kiezen vaak voor kortetermijnoplossingen zoals het afscheren van bomen in plaats van langdurige herstelmaatregelen.
Wat kan men doen om dit probleem aan te pakken? Een eerste stap is het invoeren van strengere regels voor onderhoudsverplichtingen. In Den Haag is hiervoor al een pilot gestart: sinds 2023 moeten alle gemeentelijke tuinen minimaal tweemaal per jaar worden onderhouden, met nadruk op het verwijderen van dode takken en het voorkomen van invasieve planten. Daarnaast kunnen lokale initiatieven zoals het “Tuin van de Toekomst”-project bijdragen. Dit project, geïnitieerd door Stichting Natuur en Milieu, zorgt ervoor dat burgers actief betrokken worden bij het onderhoud van gemeentelijke groengebieden. In 2023 hebben al 15 gemeenten deelgenomen, met een groei van 30 procent in deelnemers.
Een ander belangrijker aspect is het bewustzijn van burgers en bedrijven. Veel mensen denken niet na over hoe hun eigen tuin of bedrijfspark bijdraagt aan het groenbeheer. Een voorbeeld is het bedrijf Cactus, dat zich speciaal richt op het herstellen van verwaarloosde tuinen en parken. Zij werken samen met gemeenten om planten te selecteren die resistent zijn tegen schade en droogte, zoals de Japanse berken en de Amerikaanse eik. Door dergelijke planten te gebruiken, kunnen tuinen en parken beter bestand zijn tegen de veranderende klimaatomstandigheden. bekijk meer
De toekomst van openbare groengebieden hangt af van een combinatie van strenge regels, innovatieve oplossingen en betrokkenheid van alle partijen. Gemeenten moeten niet alleen meer investeren in onderhoud, maar ook in educatie en innovatie. Door te leren van succesvolle projecten zoals het “Park van de Toekomst” in Utrecht, waar bomen worden geplant die minder water nodig hebben, kunnen we een duurzamere en gezonde groene infrastructuur creëren. Het belang van goed onderhoud is niet ondergeschikt aan het esthetische aspect: het is essentieel voor een gezond ecosysteem en een veilige leefomgeving.
- In Nederland zijn 15 procent van de openbare groengebieden in een slecht onderhoudsstaat.
- 40 procent van de plantensoorten in ononderhouden tuinen en parken zijn kwetsbaar voor invasieve soorten.
- In 2021 veroorzaakten onbeheerde struiken en bomen in de Randstad meer dan 150 branden.
- Het jaarlijkse budget voor onderhoud van openbare groengebieden bedraagt 2,5 miljard euro.
- Sinds 2023 moeten alle gemeentelijke tuinen minimaal tweemaal per jaar worden onderhouden in Den Haag.